Hoe kom je nu in de politiek terecht?
Bij mij is dit eigenlijk zeer vroeg aangewakkerd. Toen wij nog op het "Kouterken" woonden was ik vrij vlug aangesloten bij de Jong-Kajotters. Het was de periode van volle bloei in deze jeugdbeweging. Buiten het voetbal was het de JKAJ die telde. Ik kreeg er de Cardijnmicrobe en geloof het of niet, maar deze zit vandaag nog steeds in mijn bloed. Ik leerde in de beweging veel nieuwe mensen kennen waar men naar opkeek. Om er maar één te vernoemen : Willy Peirens. De Deinzenaar was vrijgestelde geworden in het arrondissement Gent-Eeklo. Zo kwamen wij regelmatig in contact met elkaar. Toen wij enkele jaren later verhuisden naar Nevele kreeg de JKAJ een verdere plaats in mijn jonge leven. Ik werd er leider van de plaatselijke JKAJ. Terug in Deinze groeide de microbe verder.
Bij de firma Torck was ik ondertussen verkozen als afgevaardigde in de ondernemingsraad voor
de Landelijk Bedienden Centrale (LBC). Hiervoor was ik aangesproken door de Heer Gilbert Tack,
wel een naamgenoot maar geen familie. Van Gilbert leerde ik vele knepen van de politiek kennen.
Bij hem thuis in de Veldstraat heb ik uren versleten. Hij was voor mij een echte vriend en leermeester. Bij de firma Torck was mijn verkiezing niet in goede aarde gevallen bij de directie. Hoe
kon dat nu dat een ACV-er verkozen werd in het liberale bastion?
Met veel doorzettingsvermogen
en met de steun van veel mensen uit verschillende hoeken heb ik deze periode kunnen overbruggen. Het was niet gemakkelijk, zelfs mijn ouders werden in hun zaak door bepaalde mensen geviseerd. Ook zij hebben dit kunnen overleven dank zij de steun van velen maar vooral van enkelen
die ik mijn hele leven dankbaar zal blijven. Spijtig zijn er reeds enkele van deze rechtschapen
mensen overleden. De laatste jaren voor het faillissement van de firma Torck kreeg ik promotie
en kon ik werken als vertegenwoordiger voor Oost- en West-Vlaanderen. Dit was een van de boeiendste perioden uit mijn leven. Spijtig voor allen die er werkten, ging deze firma met een naam als een klok failliet.
Door mijn engagement in de KAJ en mijn verkiezing in de ondernemingsraad van de Firma Torck, volgde het onvermijdelijke. De politiek kwam aan de deur kloppen. Mijn naamgenoot Gilbert was waarschijnlijk wel de aanstoker, maar het was de Heer Achiel Leroy die mij als voorzitter van de plaatselijke CVP-afdeling kwam aanspreken om op de lijst voor de gemeenteraadsverkiezingen te staan. Ik voelde daar wel iets voor. Het was juist met de eerste fusie : Deinze, Petegem, Astene en Zeveren werden DEINZE. Ik was toen reeds lid van de partij en alhoewel ik nog bij Racing-White voetbalde op dat ogenblik, gaf ik mijn toestemming. Ik kwam op de lijst van uittredend burgemeester Maere. Mijn eerste kandidaatsstelling was een ontgoocheling. Met 445 stemmen was ik niet verkozen want al de uittredende mandatarissen van de verschillende deelgemeenten waren dit wel. Mijn enige opluchting was dat ik mijn zinnen volop terug op het voetbal kon richten. Maar in mijn diepste binnenste wist ik dat uitstel zeker geen afstel was. De meeste verkozenen op de lijst van burgemeester VAN DE WIELE hadden minder stemmen dan ikzelf en dat vooral zou aanleiding geven om verder aan politiek te doen.
Ik werd binnen de CVP consulent voor het distrikt Deinze. Vanuit het arrondissementeel bestuur kregen wij de opdracht om in iedere gemeente een plaatselijke CVP-afdeling op te richten. De grote fusies van gemeenten waren op komst en de CVP mocht in iedere gemeente niet ontbreken om sterke lijsten te kunnen vormen. Het was in die periode dat ik het een beetje rustiger wou doen in het voetballeven. In mijn achterhoofd speelde toen reeds het vooruitzicht om na het voetbal aan politiek te doen.
Bijna iedere avond van de week waren wij op stap om afdelingen te bezoeken of op te richten. Met veel steun en medewerking vanuit het arrondissement lukte dit wonderwel. Samen met senator Walter Claeys als parlementair en Guido De Wilde als afgevaardigde van het arrondissementeel bestuur trokken wij op de baan. Ik legde de plaatselijke contacten vast voor vergadering en geïn- teresseerden voor de oprichting van een afdeling of voor een samenkomst met de leden van de reeds bestaande afdelingen. Na senator Claeys was het samen met volksvertegenwoordiger A. Deneir, die ondertussen in Deinze was komen wonen, dat wij verder de baan optrokken. Het was een drukke periode maar gezien ik het met het voetbal minder druk had dan vroeger lukte dit wel.
De fusies werden een feit en Deinze kreeg plots het uitzicht van een stad met ongeveer 27.000
inwoners. De ene politieke vergadering volgde op de andere voor lijstvorming. Burgemeester
Van De Wiele wou graag een lijst vormen met de CVP. Op arrondissementeel vlak werd hiervan
werk gemaakt. Het was geen gemakkelijke periode want vanuit verschillende richtingen bij de CVP-afdeling Deinze was men daar ronduit tegen. Alleen binnen het A.C.W. waartoe ik ook
behoorde was de wil aanwezig om een lijst te vormen met burgemeester Van De Wiele. Na veel
vergaderingen en uiteindelijke goedkeuring door de CVP plaatselijk en arrondissementeel kwam
de lijst tot stand. Door deze kwestie verloor ik mijn geestelijke politieke vader Gilbert Tack die zich
niet kon verzoenen met de heer Van De Wiele.
Naast Gilbert waren er ook nog veel andere personen. Er kwam een splitsing van voor- en tegenstanders binnen de CVP. Achteraf bekeken zegevierde het gezond verstand boven persoonlijke belangen.
Het was een daverende overwinning voor de CVP-lijst. 19 zetels op 27 werden behaald. Het was voor mij, met mijn tweede plaats op de lijst en net geen 2000 stemmen, de start van een nieuwe loopbaan na het voetbal. 24 jaar heb ik kunnen deelnemen aan het bestuur van de stad Deinze. Ik ga er hier niet over uitweiden maar er komt zeker een vervolg met mijn belevenissen van die 24 jaar.
Dus www.deinzevolgenswilly.be blijven opzoeken. U leest verder waarom.